Quizzja

Crossword #25264

Crossword #25264: a hand-curated Dutch crossword with 82 clues on a 15 × 15 grid. Read the clues and play online.

Dutch · 15 × 15

Play this crossword

Read the clues below, then open the interactive grid to enter your answers. Across and Down answers share letters where they cross. Check, Hint and Reveal are available in the game when you need help.

Across

  1. Bouwwijze waarbij twee gebouwen een zijwand delen (3)
  2. In water voorkomende vaatloos, op een plant gelijkend organisme (3)
  3. Job (3)
  4. Deel van een koestal, waar de koeien met hun achterpoten staan (4)
  5. Projectieplaat (3)
  6. Verslag van een beleefde of verzonnen gebeurtenis (4)
  7. Plaats waar vondsten of opgravingen worden gedaan (4)
  8. ...-Leur, Brabantse gemeente (5)
  9. Hoofdstad van Italië (4)
  10. Tweede maand van joodse jaar, in april-mei, achtste maand bij telling vanaf Rosj Hasjana (3)
  11. Vrouw die les geeft in het lager of middelbaar onderwijs (7)
  12. Ontsloot, deed van het slot (verleden tijd) (6)
  13. Kca (3)
  14. Borst, tiet (3)
  15. Uitroep om iemand aan het schrikken te maken (3)
  16. Doodlopende rivierarm, ontstaan doordat een vroegere bocht is afgesneden (3)
  17. Een snaarinstrument, met twee dubbelkorige snaren en een tripelkorige snaar dat o.a. in Turkije graag bespeeld wordt (3)
  18. Adviesorgaan over sociaal-economisch beleid, afgekort (3)
  19. Speelkaart die met A aangeduid wordt; vaak hoogste in het spel, hoewel ze eigenlijk de getalswaarde 1 heeft (3)
  20. Falkenschelle (3)
  21. Gevoel van eigenwaarde (3)
  22. Het hoofd van een abdij (3)
  23. Bijzonder (3)
  24. Scheikundig element met symbool Sn en atoomnummer 50; het is een zilvergrijs overgangsmetaal (3)
  25. De 23e letter van het Griekse alfabet: hoofdletter Ψ, onderkast ψ (3)
  26. Deeg, gebruikt om een pan hermetisch af te sluiten (3)
  27. Infectieziekte die vooral wordt overgedragen door seksueel contact (3)
  28. Een kistje of etui met gereedschap of toebehoor (3)
  29. Eenvoudig technisch onderwijs (3)
  30. Tiende maand van het jaar, afgekort (3)
  31. Afkorting van algemene bacheloropleiding (3)
  32. Melk tot boter en een zure drank verwerken (6)
  33. Het langzaam oxideren van ijzerhoudende materialen (7)
  34. Dierentuin (3)
  35. Aambeeld waarop men een zeis kan scherp kloppen (4)
  36. Brede, zware schep, bedoeld voor het spitten van grond (5)
  37. Spaans borrelhapje (4)
  38. In de middeleeuwen halfvrije boer die levenslang verplicht was op een bepaalde plaats bepaalde werkzaamheden voor een landheer te verrichten (4)
  39. Slordige vrouw (3)
  40. Gebiedend: een woord letter voor letter zeggen (4)
  41. Het eerste getal, vóór twee (3)
  42. Negentiende letter van het alfabet (3)
  43. De vliezen rondom de graankorrels (3)

Down

  1. Hogereburgerschool (3)
  2. Wijfjesschaap, vrouwelijk schaap (3)
  3. Getal twee (3)
  4. Bloedvaten die het bloed terugvoeren naar het hart (6)
  5. Gaaf, geweldig (3)
  6. Opening of holte (3)
  7. Met bol gezet doek over het water glijden (11)
  8. Heer (5)
  9. Maakt een selectie; brengt zijn stem uit (5)
  10. Een betekenisvolle beweging (4)
  11. Een weg of opengehouden strook in een bos om bij brand, de verspreiding van ondergronds smeulend vuur te verhinderen/beperken (3)
  12. Alle afzonderlijk (3)
  13. De lelijke buitenrand van een lap die niet kan rafelen (3)
  14. Naar Lovelace genoemde programmeertaal (3)
  15. Geeft aan dat iemand in hoge mate de eigenschappen bezit die kenmerkend zijn voor het tweede deel van de samenstelling (3)
  16. Onderwijsvorm in Nederland die openstaat voor alle kinderen tot 12 jaar oud (3)
  17. Iemand die dichtkunst voorbrengt (5)
  18. De voorlaatste dag die voltooid is (11)
  19. Een in zee vooruitstekende landpunt. (4)
  20. Belasting die op de Caraïbische eilanden wordt geheven op productie en invoer van goederen (3)
  21. Remsysteem waarbij de wielen blijven draaien en dus niet gaan slippen (3)
  22. Geheel en al (4)
  23. Toestand waarin mensen samen veel plezier hebben (5)
  24. Richting tussen oost en noordoost (3)
  25. Groot rond vat of gewichtsmaat van duizend kilo (3)
  26. Dat wat men als voedsel kan gebruiken (3)
  27. Versterkte vorm van ik (6)
  28. Chinese leer van 'de weg' (3)
  29. Mondelinge, wat met de mond te maken heeft (verbogen vorm) (5)
  30. Degene die in de synagoge de Tora voorleest (5)
  31. Erfwoord kleine vrucht (3)
  32. Nederlands persbureau (afkorting) (3)
  33. Een grote ruwe steen (4)
  34. Ronde in een wedstrijd (3)
  35. Benaming voor zeevogels uit de familie Alcidae (3)
  36. Een middel dat gebruikt wordt om de geur van transpiratie weg te nemen of te voorkomen (3)
  37. Periodieke keuring van wat anders dan een auto (3)
  38. Haarlok vóór het oor van een joodse man (3)
  39. Zot, dwaas (3)

Hand-curated crosswords

All Quizzja crosswords are hand curated. People select and review the words and clues for each language. Software assembles grids from this curated content.

If you spot an unclear clue or a possible error, email support@quizzja.com with the puzzle title, language and clue number. You can also use Report a bug in the app.