Quizzja

Crossword #25414

Crossword #25414: a hand-curated Dutch crossword with 82 clues on a 15 × 15 grid. Read the clues and play online.

Dutch · 15 × 15

Play this crossword

Read the clues below, then open the interactive grid to enter your answers. Across and Down answers share letters where they cross. Check, Hint and Reveal are available in the game when you need help.

Across

  1. Speelkaart die met A aangeduid wordt; vaak hoogste in het spel, hoewel ze eigenlijk de getalswaarde 1 heeft (3)
  2. Blanke Nederlander (5)
  3. Hoge officier in het Ottomaanse rijk (3)
  4. Slaghout waarmee bij sporten als honkbal en cricket de bal gespeeld wordt (3)
  5. Met veel haar bedekte (6)
  6. Benaming voor vogels uit het geslacht Rhea, zoals die voorkomen in Zuid-Amerika (3)
  7. Weinig aantrekkelijke en overdreven preutse vrouw (4)
  8. Trees (6)
  9. Snavel van vogels (3)
  10. Stug (4)
  11. Een handeling gedurende een spelbeurt (3)
  12. Een (grote) klodder (4)
  13. Noodzakelijke haast (5)
  14. Gaaf, geweldig (3)
  15. Remsysteem waarbij de wielen blijven draaien en dus niet gaan slippen (3)
  16. Vijfde noot van de toonladder (3)
  17. Mobiel apparaat om iemand met een hartstilstand te reanimeren (3)
  18. Een klein soort paard (3)
  19. Negende letter van het alfabet (3)
  20. Goed (4)
  21. Structureel echoscopisch onderzoek (3)
  22. Iemand iets ~: laten verliezen (7)
  23. Uitstekend strookje (3)
  24. Verslag van een beleefde of verzonnen gebeurtenis (4)
  25. Een numerieke hoeveelheid (3)
  26. Gebruikt in tegenstelling tot ander (3)
  27. Meestal rechthoekig stuk vloerbekleding (3)
  28. Droogoven (3)
  29. Wielvormig voorwerp dat kracht overbrengt binnen een machine of op het water (3)
  30. Afkorting van algemene bacheloropleiding (3)
  31. Onderhuidse vochtophoping (5)
  32. Kamer zonder daglicht waarin foto's kunnen worden ontwikkeld en afgedrukt (4)
  33. Bepaald soort platvis, Platichthys flesus (3)
  34. Betrekking hebbend op het kleinste vlak van een baksteen (4)
  35. Getal twee (3)
  36. Staat in volle pracht, zoals rozen in juni (6)
  37. Een in zee vooruitstekende landpunt. (4)
  38. Een honderste deel van de Deense, Noorse en Zweedse kroon. (3)
  39. Alleen verkleinwoord kleine hoeveelheid (6)
  40. Pijnlijke slag (3)
  41. Burgerservicenummer (3)
  42. Wijde, verbogen vorm (5)
  43. Reeks van achter elkaar geplaatste dingen (3)

Down

  1. Het hoofd van een abdij (3)
  2. Bij uitbreiding: achterwerk (4)
  3. Een voorwerp dat ter ondersteuning onder een ander voorwerp geplaatst wordt (4)
  4. Naam van de Universiteit Twente tot 1986 (3)
  5. Onzeker zijn, twijfelen (8)
  6. Ik ... naar voren (zet een stap) (5)
  7. Vrouwelijke borst (4)
  8. Leeftijd in het Engels (3)
  9. Een vrouwelijke persoon die werk uitvoert voor een ander (10)
  10. Overhandigt een cadeau (5)
  11. Klein roei- of zeilvaartuig, bestemd voor de visserij mee bedoeld (3)
  12. Tak, zodanig op een plant gehecht dat ze daarop verder kan groeien (3)
  13. Zak die men meeneemt om er zaken in te bergen die men bij zich wil hebben (3)
  14. Global positioning system (3)
  15. Joodse emigrant naar Israël (4)
  16. Een woord zonder betekenis, bekend uit een gedicht van Hanlo. (4)
  17. Bijl met een lange steel en een smalle snede (3)
  18. Samenklemming tussen de kaken (4)
  19. Ouderwetse vaartuigen die door verhitte damp werden voortgedreven (10)
  20. Algemeen Beschaafd Nederlands (afkorting) (3)
  21. Ronde in een wedstrijd (3)
  22. Leraar (4)
  23. Een metalen staaf die een paard in de bek gedaan wordt om het dier berijdbaar te maken (3)
  24. Een hoeveelheid toebereid voedsel die voldoende is geruime tijd de lichamelijke behoefte te bevredigen (8)
  25. Koningin met ijskrachten uit Frozen (4)
  26. Meubel om op te slapen (3)
  27. Zijn doel treffend (4)
  28. Groep van naaste familieleden binnen een stamboom (3)
  29. Aderen (5)
  30. Geldstraf die je moet betalen bij een overtreding (5)
  31. Kledingstuk dat om de heupen wordt gedragen (3)
  32. Belasting die op de Caraïbische eilanden wordt geheven op productie en invoer van goederen (3)
  33. Iedereen die iets levert of produceert (4)
  34. Twee personen of zaken die bij elkaar horen (4)
  35. vervelend en eentonig; zonder enige opwinding (4)
  36. Type slee waarmee meerdere personen zo snel mogelijk een helling afdalen (3)
  37. Enzym uit voornoemde maag van kalveren, dat gebruikt wordt als stremsel van melk (3)
  38. De beginplaats vanwaar wordt afgeslagen op elke hole (3)
  39. Habijt, lange kleding gedragen door monniken (3)

Hand-curated crosswords

All Quizzja crosswords are hand curated. People select and review the words and clues for each language. Software assembles grids from this curated content.

If you spot an unclear clue or a possible error, email support@quizzja.com with the puzzle title, language and clue number. You can also use Report a bug in the app.